Onderwerp: het laatste stukje heiden

.

.

Preek dd 20 december 2020

Het laatste restje heiden


Hoewel het de laatste zondag voor Kerst is, is dit geen kerstpreek. Sorry als je daar op hoopte. Je zult het hiermee moeten doen. Ik denk dat we allemaal vinden, dat we hebben afgerekend met onze heidense achtergrond. Maar de vraag is of dat zo is. Na de preken van Wouter van de afgelopen twee zondagen zijn we – hopelijk- bezig geweest met het laten verminderen van ons wereldse denken. Dat is een goed begin, maar er zijn voor een Christen toch nog een aantal valkuilen, die ik voor het gemak maar heidense restanten noem.

We hebben de neiging om Gods genade te willen verdienen, of als we gezondigd hebben, die terug te verdienen. Wouter heeft het vaak gezegd en Jaap heeft het vaak gezegd. Je kunt de genade niet verdienen, maar toch zit het diep in ons om te proberen door God te behagen toch iets te doen aan onze positie bij God. Dat we niets kunnen op dat gebied blijkt misschien nog wel het duidelijkst in de hof van Getsemane. We lezen Matheus 26: 36 – 46. Het is de enige keer, dat Jezus om hulp vraagt vers 38 Toen zeide Hij tot hen Mijn ziel is zeer bedroefd tot stervens toe; blijft hier en waakt met mij. Jezus loopt dan verder en bidt tot de Vader. Daarna keert Hij terug en vindt hen slapende. In vers 41 doet Hij opnieuw een beroep op hen, maar tegelijk roept Hij hen op om voor zichzelf te bidden Waakt en Bidt, dat gij niet on verzoeking komt; de geest is wel gewillig, maar het vlees is zwak. Hij bidt en komt daarna terug en vindt hen opnieuw slapende. Er volgt geen nieuwe oproep. Jezus gaat de weg alleen. Als Hij daarna terugkomt zegt Hij iets onverwachts: vs 45 Slaapt nu maar en rust. Zie de ure is nabijgekomen en de Zoon des mensen wordt overgeleverd in de handen van zondaren. Staat op laten wij gaan. Dat gaat moeilijk samen slaap nu maar en staat op en laten we gaan. Jezus heeft het over een ander rusten. Rusten in God, omdat God in de gestalte van Jezus alles alleen heeft gedaan wat nodig is voor ons heil. We mogen rusten in God. Toegegeven Hij roept ons op om waakzaam te zijn en te bidden, maar als we daarin falen dan nog doet Jezus voor ons wat nodig is. Wat doen wij echter vaak? Nou, we denken, dat we door bidden en vasten iets bij God kunnen bereiken. Dit is een heidense manier van kijken naar bidden en vasten. Vasten kan een manier zijn om je eerbied voor God te laten blijken. Daar is niets mis mee. Door af te zien van eten of wat dan ook laat je God zien, dat je beseft, dat je alles van Hem hebt ontvangen. Waar we in de fout gaan is als we denken, dat we God kunnen vermurwen tot iets omdat we zo (geweldig) vasten. Als we weer teruggaan naar het vorige stukje, dan zien we dat Jezus in gewone woorden een duidelijk en helder verzoek doet aan God. Hij heeft hieraan voorafgaand ook niet gevast. Immers, Hij heeft samen met zijn discipelen het Pesach gevierd, waarbij gegeten en gedronken is. Of je wel of niet moet vasten laat ik aan jullie zelf over en aan wat de Geest jou hierover laat zien. Vasten staat niet in het rijtje uit Handelingen met geboden voor de heidenen. Voor bidden geldt hetzelfde als voor vasten. Je kunt God niet vermurwen door onophoudelijk hetzelfde te bidden. Ik heb het hier niet over geestelijke strijd, maar over iets wat je van God vraagt in gebed. Dat is iets anders. Jezus vraagt 3x aan God om de beker aan Hem voorbij te laten gaan.

Paulus bidt 3x tegen de doorn in zijn vlees. God antwoordt hem. Mijn genade is u genoeg. We hoeven onze verlangens en problemen dan ook niet op 20 verschillende manieren aan God voor te leggen. God weet het en handelt naar zijn plan daarin. Maar, zal je misschien zeggen, er staat toch dat Hij Petrus verwijt dat hij niet een uur kon waken. Dat is een keuze voor de vertaling van het Griekse woordje “hora”. Hora betekent een tijdsverloop. Het kan alles betekenen tussen een ogenblik en een uur. De Grieken kenden geen onderverdeling in minuten. Jezus kan dus ook bedoeld hebben. “Waart gijlieden zo weinig bij machte een ogenblik met Mij te waken”

Ik had het al gezegd. Geestelijke strijd is wat anders. Als we tegen een ziektemacht bidden of tegen een boze geest in iemand, dan moeten we vaak aanhoudend doorgaan met gebed en het gebruiken van het gezag waarmee God ons heeft bekleed. Hier gaat het er om, dat we gevoelig zijn voor de Heilige Geest die door ons heen de ander wil bevrijden. Een ander restje heidens denken is ons verlangen om hier en nu recht te zien geschieden. We zijn kwaad als iemand op oneerlijke wijze rijk wordt. Bijvoorbeeld door te veel huur te vragen of door spullen zogenaamd te verkopen, maar deze niet te leveren (zeker tijdens deze lockdown een veel voorkomend iets), of door allerlei trucjes geld van andermans rekening te halen enz., om ergere
misdaden nog maar even niet te noemen. Wij zouden graag in het hier en nu even willen afrekenen met deze lieden. En God? Het lijkt soms of Hij er niets aan doet. God echter ziet niet op het tijdelijke, maar op het eeuwige. Ongelovigen denken vaak, dat er ook na dit leven geen oordeel zal zijn over de wandaden hier op aarde gepleegd. Wij weten echter, dat er een beloning is voor wie Jezus hebben aangenomen. En dat over hen die Jezus niet hebben aangenomen een oordeel (een veroordeling) zal worden uitgesproken en worden uitgevoerd. Uit de Bijbel kun je bovendien afleiden dat ook in de veroordeling een onderscheid zal worden gemaakt op grond van daden en houding.


Ik sluit af met een oproep om eerlijk naar jezelf te kijken en te zien over er hier en daar restanten zijn, en die in de komende tijd op te ruimen.

amen